Twee nieuwe subtypes CDG ontdekt

‘We hebben twee nieuwe subtypes CDG ontdekt, TMEM199-CDG en CCDC115-CDG’, vertelt Dirk Lefeber, onderzoeker aan het Radboudumc. Dit is eind januari in twee artikelen in de American Journal of Human Genetics beschreven. Soms is bij patiënten niet duidelijk welk subtype CDG ze hebben. Dit wordt dan verder onderzocht, wat leidt tot de ontdekking van nieuwe subtypes CDG, zoals TMEM199-CDG en CCDC115-CDG.

De zoektocht
Het was een lange zoektocht naar de nieuwe subtypes CDG. Lefeber: ‘We hebben eerst gekeken of we overeenkomsten konden vinden in de klachten van patiënten, maar de klachten waren tussen patiënten toch erg verschillend: patiënten kunnen bijvoorbeeld klachten hebben aan de lever, mentale retardatie of spierklachten. Daarnaast hebben we de glycosylering onder de loep genomen. De glycosylering is de versuikering van eiwitten, het proces wat mis gaat bij CDG-patiënten. Hieruit bleek dat de glycosylering van de patiënten op elkaar leek, maar een specifiek subtype CDG konden we nog niet aanwijzen.’

‘Vervolgens hebben we gekeken of er genetische afwijkingen waren die overeenkwamen tussen patiënten.  Maar ook met dit onderzoek bleven er nog steeds meerdere genetische afwijkingen over die de aandoening konden veroorzaken.’ 

De ontdekking
De volgende stap was om te kijken wat de gevolgen van de gevonden genetische afwijkingen waren op de processen in de cel. Lefeber: ‘De processen en genen hebben we al goed in kaart kunnen brengen bij gistcellen. Deze kennis hebben we naast de gevonden genetische afwijkingen gelegd en toen bleek dat bij de onderzochte patiënten de genen TMEM199 en CCDC115 verantwoordelijk waren voor de ziekte.’

Voordelen voor patiënten
Deze ontdekking levert drie grote voordelen voor patiënten op vertelt Lefeber:

  1. ‘Ten eerste hebben twee patiënten met deze subtypes CDG een levertransplantatie gehad, waardoor ze veel minder klachten hebben. Dit betekent dat voor nieuwe patiënten met deze subtypes CDG bij ernstige leverklachten een levertransplantatie ook een goede optie is;
  2. Ten tweede weten we nu dat er jonge en oude patiënten zijn. Hierdoor kun je bij nieuwe patiënten het verloop ongeveer voorspellen;
  3. Ten derde kunnen ouders nu ook prenatale diagnostiek laten uitvoeren bij nieuwe zwangerschappen.’

Verder onderzoek
‘We gaan nu verder onderzoeken wat er precies mis gaat in de cel bij deze genetische afwijkingen, zodat we deze ziekten steeds beter gaan begrijpen’, vertelt Lefeber. ‘Daarnaast zijn er nog steeds patiënten waarvan we niet weten welk subtype CDG ze hebben, dus blijven we onderzoek doen naar nieuwe subtypes van CDG.’

Nieuwe inzichten vertalen
Lefeber: ‘Daarnaast zien we dat patiënten met deze twee vormen CDG een verhoogd cholesterol hebben. We gaan nu onderzoeken waarom het cholesterol verhoogd is. Dit is niet alleen relevant voor deze patiënten, maar ook voor de algemene populatie. Deze inzichten zijn namelijk te vertalen naar meer algemene ziekten of aandoeningen waarbij een verhoogd cholesterol een rol speelt.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *