Syndroom van Aicardi Goutieres

Syndroom van Aicardi Goutieres 

Inleiding

Het syndroom van Aicardi-Goutières is een erfelijke stofwisselingsziekte. Met ‘stofwisseling’ wordt het omzetten en verwerken van stoffen in ons lichaam bedoeld. Dat is nodig voor de opbouw van weefsels, zoals spieren, botten en organen en voor het vrijmaken van energie. De stofwisseling vindt plaats in alle cellen van ons lichaam, waar enzymen hun werk doen. Als er iets mis is met een enzym, is de stofwisseling verstoord. Een bepaalde stof kan niet meer worden omgezet en hoopt zich op in de cel, terwijl het mogelijk belangrijke product te weinig of soms helemaal niet meer gevormd wordt. Deze situatie kan tot min of meer ernstige klachten leiden. Dit noemen we een stofwisselingsziekte.

Achtergrond
Het syndroom van Aicardi-Goutières is vernoemd naar de artsen Aicardi en Goutières die in 1984 de eerste acht patiënten met dit syndroom beschreven. In latere patiëntbeschrijvingen bleek dat er een grote variatie is in de ernst van de symptomen die patiënten kunnen hebben.

Niet-specifiek afweersysteem
Ons afweersysteem bestaat uit een specifiek en een niet-specifiek deel. Het niet-specifieke afweersysteem vormt de eerste afweerreactie tegen alle binnendringers die het lichaam tegenkomt, zoals bacteriën, virussen en parasieten. De cellen van het niet-specifieke afweersysteem “eten” de indringers op (fagocyteren) en scheiden stofjes (cytokines) uit, die de afweerreactie stimuleren door een ontsteking op gang te brengen. Deze stofjes trekken andere afweercellen aan en stimuleren de genezing van de beschadigde weefsels. Wanneer de niet-specifieke afweer niet voldoende is om de indringer op te ruimen, komt het specifieke afweersysteem, met onder andere specifiek op de indringer gerichte antilichamen en geheugencellen, op gang.
Bij het syndroom van Aicardi-Goutières blijkt er sprake te zijn van een overactief niet-specifiek afweersysteem. In het hersenvocht van patiënten worden sterk verhoogde niveaus van interferon-alfa (IFN-alfa), een cytokine, gevonden. Ook is er chronisch een verhoging van het aantal wittebloedcellen, de afweercellen van het niet-specifieke afweersysteem, zonder dat er andere tekenen van een infectie zijn.

Witte stof
Het syndroom van Aicardi-Goutières behoort tot de groep ‘leukodystrofieën’. De term ‘leukodystrofie’ is een verzamelnaam voor aandoeningen die invloed hebben op de witte stof van de hersenen en het ruggenmerg. Hersenen en ruggenmerg vormen samen het centraal zenuwstelsel. De term stamt van het Griekse woorden “leuko”= wit, wat verwijst naar de witte stof in de hersenen, en “dystrofie” = afbraak, wat verwijst naar de aantasting van de witte stof. Witte stof in de hersenen is wit door de aanwezigheid van myeline. Dit is een vetachtige substantie die als isolatielaagje rond zenuwvezels aanwezig is. Myeline is te vergelijken met de isolatie om een elektriciteitsdraad. Er zijn vele soorten leukodystrofieën geïdentificeerd, waaronder Adrenoleukodystrofie (X-gebonden), de ziekte van Canavan, de ziekte van Krabbe, Metachromatische Leukodystrofie, de ziekte van Pelizaeus-Merzbacher en de ziekte van Refsum. De oorzaken zijn verschillend, maar in alle gevallen wordt de witte stof van de hersenen beschadigd en zijn de symptomen vergelijkbaar.

Het defecte enzym bij het syndroom van Aicardi-Goutières
Er zijn vier genen bekend die het syndroom van Aicardi-Goutières kunnen veroorzaken: TREX1, RNaseH2A, B en C . Het gen TREX1 codeert voor het enzym DNase III. Dit enzym is betrokken bij de afbraak van enkelstrengs DNA. Normaal gesproken vormt DNA een dubbele helix (dubbelstrengs) en is het alleen tijdens de celdeling enkelstrengs. Sommige virussen bevatten ook enkelstrengs DNA. De genen RNaseH2A, B en C coderen voor drie onderdelen van het enzymcomplex RNAseH2. Dit enzymcomplex is betrokken bij de afbraak van RNA, het molecuul dat de genetische code van het DNA afleest. RNA kan ook van virussen afkomstig zijn.
Het is niet duidelijk hoe deze genetische defecten tot een chronische reactie van het niet-specifieke afweersysteem leiden. TREX1 is betrokken bij het opruimen van DNA-fragmenten die in het lichaam terechtkomen na normale celdood. Bij een defect in TREX1 komen deze fragmenten vrij voor in het lichaam. Hetzelfde geldt voor RNA-fragmenten in het geval van een RNaseH2-defect. Virussen kunnen zowel DNA als RNA bevatten. Ons niet-specifieke afweersysteem is er op gericht lichaamsvreemde indringers op te ruimen. Het is mogelijk dat het niet-specifieke afweersysteem de enkelstrengs DNA-fragmenten of RNA fragmenten aanziet voor virussen en daardoor gestimuleerd wordt.

Zeldzaamheid
Het syndroom van Aicardi-Goutières is een zeer zeldzame stofwisselingsziekte. Op de hele wereld zijn iets meer dan honderd patiëntjes bekend, waarvan enkelen in Nederland.
 

Symptomen

De meeste kinderen met Aicardi-Goutières worden normaal geboren. De eerste verschijnselen van de ziekte komen meestal vanaf ongeveer drie maanden aan het licht. In een enkel geval zijn de symptomen zelfs al duidelijk vanaf de geboorte. De ernst van de symptomen en de leeftijd waarop deze zich voordoen, lijken samen te hangen met het genetisch defect van de patiënt. Bij een RNaseH2B-defect openbaart de ziekte zich meestal na ongeveer drie maanden. Wanneer er sprake is van een TREX1-defect begint de ziekte meestal vóór de geboorte en zijn de symptomen het ernstigst.

De patiëntjes hebben vaak voedingsproblemen en onverklaarbare koortsaanvallen. Ook zijn ze vaak snel geïrriteerd, spastisch en maken ze abnormale oogbewegingen. Al snel blijkt dat hun hoofdje en hersenen te klein zijn. Soms kunnen patiëntjes last hebben van epileptische aanvallen. Een deel van de patiënten heeft rode, pijnlijke, jeukende zweren en blaren op de vingers, tenen en oren. De verschijnselen lijken op die van bevriezing.

Over het algemeen zijn de patiëntjes zowel lichamelijk als verstandelijk ernstig gehandicapt. Er is een grote variatie in de ernst van bovengenoemde symptomen. Zo hebben sommige patiënten een veel lichtere verstandelijke handicap en sommige patiëntjes kunnen leren lopen en spreken. Er is ook verschil in de snelheid waarmee de ziekte voortschrijdt. Na een paar maanden van opvlamming van de ziekte, te meten aan de verhoogde IFN-alfa niveaus en aantal witte bloedcellen in het hersenvocht, stabiliseert de ziekte meestal.
 

Diagnose

Naar aanleiding van de symptomen kunnen artsen een vermoeden hebben van de diagnose. Met een MRI of CT-scan van de hersenen kunnen karakteristieke kalkafzettingen in de hersenen gevonden worden, evenals afwijkingen van de witte stof. In het hersenvocht zijn IFN-alfa en/of het aantal wittebloedcellen verhoogd. Hierdoor wordt de ziekte soms aangezien voor een aangeboren infectie. Dergelijke infecties moeten worden uitgesloten.
Met een genetische test voor de vier genen die het syndroom van Aicardi-Goutières kunnen veroorzaken, kan 83% van de gevallen bevestigd worden. In 17% van de gevallen is er sprake van een nog onbekend genetisch defect.

Het syndroom van Aicardi-Goutières is een erfelijke aandoening. Dit betekent dat ook broertjes en zusjes van de patiënt de ziekte kunnen hebben. Wanneer het genetische defect bekend is, kan bij een volgende zwangerschap het ongeboren kind met prenatale diagnostiek getest worden op de ziekte. Het is niet waarschijnlijk dat oudere broertjes en zusjes de ziekte hebben, omdat de ziekte zich meestal in het eerste levensjaar openbaart. Er zijn enkele gevallen bekend waarbij de ziekte pas op één- of tweejarige leeftijd de eerste klachten veroorzaakte.
 

Behandeling

Het syndroom van Aicardi-Goutières is niet te genezen. Ook is er geen behandeling beschikbaar die de symptomen van de ziekte kan voorkomen of beperken. Alle vormen van ‘behandeling’ zijn erop gericht om de patiënt zo aangenaam mogelijk te laten leven. De behandeling bestaat uit medicatie tegen epilepsie, ademhalingsfysiotherapie om longinfecties te behandelen en toezicht van het dieet om ondervoeding te voorkomen.

Erfelijkheid

Stofwisselingsziekten zijn erfelijke ziekten. Dat betekent dat je met de ziekte geboren wordt en er niet van kan genezen. Het betekent meestal dat de ouders van te voren niet hadden kunnen weten dat hun kind ziek zou worden. In de meeste gevallen hebben beide ouders nergens last van. Zij zijn dan “gezonde dragers” van een afwijkend gen en hebben daarnaast het normale gen (zie onder). Het normale gen zorgt ervoor dat het benodigde enzym bij hen voldoende aangemaakt wordt. Een kind met de ziekte heeft twee afwijkende genen en mist het normale gen. Daardoor wordt het enzym niet of onvoldoende aangemaakt.

Autosomaal recessief
In elke cel van het lichaam is het erfelijke materiaal in tweevoud aanwezig en is verdeeld in chromosoomparen. Er zijn per cel 22 gelijke paren (autosomen), terwijl het 23e paar geslacht-bepalend is en verschilt tussen een vrouw, die twee X chromosomen heeft en een man die een X en een Y chromosoom heeft.

Deze stofwisselingsziekte erft ‘autosomaal recessief’ over. Autosomaal betekent dat het afwijkende gen op één van de 22 gewone chromosomen ligt. Zowel jongens als meisjes kunnen ziek zijn. Daarnaast is een afwijkend gen op een van de twee chromosomen ondergeschikt aan het normale gen op het andere chromosoom (recessief), die in dat geval compenseert. Dit gebeurt bij een “gezonde dragers”, die de ziekte dus niet zal krijgen. Er zijn dus twee afwijkende genen nodig om de ziekte te krijgen. Een kind met een stofwisselingsziekte heeft van allebei zijn ouders een afwijkend gen geërfd.

De ouders zijn niet ziek, maar zijn wel drager van het afwijkende gen. Daardoor hebben ze 25% kans (1 op 4) bij elke zwangerschap op een kind met de ziekte. Ook hebben ze 75% (3 op 4) kans op een kind dat niet ziek is. Daarvan zal 2/3, net als de ouders, gezonde drager zijn. Deze kinderen kunnen de ziekte alleen doorgeven als hun partner ook dezelfde afwijking heeft op zijn DNA.

Overige informatie

Omim nummer

Synoniemen:

Syndroom van Aicardi Goutières
Familiaire infantiele encephalopathie met calcificatie van de basale ganglia en chronische lymfocytaire pleiocytose in de liquor

Meest gebruikte naam

Aicardi Goutieres, syndroom van

Informatie voor kinderen:

stripalgemeen

Stripboek

Zijn er leden met deze ziekte?

Er is één lid met ‘Syndroom van Aicardi Goutieres’ bij ons aangemeld.

Datum laatst bewerkt:

21 September 2017

Autorisatie door:

prof. dr. M.S. Van der Knaap

Disclaimer

Aan de ziekte-informatie kunnen geen rechten worden ontleend. De informatie is mogelijk niet op alle punten actueel, omdat de ontwikkelingen en inzichten snel kunnen gaan. VKS tracht de ziekte-informatie zo goed mogelijk actueel te houden.
Ervaringsverhalen zijn persoonlijke verhalen. De beschrijving van de ziekte en symptomen gelden voor deze persoon. Zoals voor veel erfelijke ziekten geldt, is er een behoorlijke variatie in ernst onder de patiënten. U kunt uit dit verhaal dan ook geen algemene conclusies trekken. Het verhaal geeft slechts een beeld hoe het leven met deze stofwisselingsziekte in de praktijk eruit kan zien.

Heeft u hulp nodig bij het inloggen?

Vond u deze informatie nuttig? Help ons dan om dit in stand te houden.

Reageren is niet mogelijk